Op de heenweg zie je je leven meerdere keren voorbij flitsen en bij aankomst sta je er niet van te kijken als er een ridder te paard passeert. Ushguli is misschien wel het meest bijzondere plekje dat we ooit ontdekt hebben, waar de tijd enkele eeuwen heeft stilgestaan.
Het was het grote doel tijdens onze reis door Georgië: Ushguli bereiken. Met 2200 meter wordt de nederzetting beschouwd als het hoogstgelegen dorp in Europa dat permanent bewoond wordt. Dat hebben we geweten. Want hoewel we ons in maart door de Kaukasus begaven, lag de temperatuur op de riskante route naar Ushguli nog ruim onder het vriespunt.
En riskant was het zeker. De weg, of zoals wij het noemden: rand van de afgrond, gaf ons vaak de rillingen. Links keken we tegen een berg op waar regelmatig steentjes en zelfs stukken rots vanaf rolden. Rechts zagen we een diepe kloof met als eindpunt een rivier die ons met alle plezier op wilde vangen. We zouden niet de eersten zijn die het ravijn inreden, gezien het aantal kruisen langs de afgrond.

Waar zijn we nu weer beland?
We prijsden ons gelukkig dat we geen tegenligger waren tegengekomen op de kilometers lange tocht. De weg was daar simpelweg lang niet altijd breed genoeg voor. En zodoende kwamen we, wonder boven wonder, uit in Ushguli. Daar werden ook twee van de vier inzittenden weer opgepikt (Ze waren gaan lopen omdat ze het niet meer vertrouwden).
Een bizarre tocht, maar dan heb je ook wat. We zagen de eerste historische torens van Ushguli verschijnen. Als we met onze vriendengroep op zulke bijzondere plekken komen, is de legendarische reactie vaak: ‘waar zijn we nu weer beland?’. Deze keer was die vraag het meest van toepassing.
‘Tot je enkels in de stront’
Je moet je echt een paar keer in je ogen wrijven om niet te denken dat je in de middeleeuwen bent beland. Vooral de scheef gebouwde huizen en hutjes geven dat idee. Daartussen lopen koeien, varkens en paarden, met alle gevolgen vandien.
Bij het uitstappen hadden we namelijk twee mogelijkheden, zoals een van ons mooi verwoorde: ‘Tot je knieën in de sneeuw, of tot je enkels in de stront.’ We probeerden toch maar voor de eerste optie te gaan.

Gehaald!
Maar toen konden we pas echt van ons verblijf gaan genieten. We werden verwelkomd door een zeer gastvrije man en zijn gezin. De man was een wachter die de grens met Rusland bewaakte, die enkele kilometers verderop aan de top van de berg was.
Direct klommen we een deel van die berg op om het uitzicht te bekijken. Oké, even hiervoor kregen we chacha voorgeschoteld door onze host en de hoeveelheid alcohol drong misschien door tot ons brein. Maar we waren nog nuchter genoeg om bewust te zijn van het uitzicht, dat adembenemend was. Ushguli, we hebben het gehaald!
